Buxustakken als symbool voor de eeuwigheid
In het babygrafje met de versiering van leeuwenkopjes vonden de archeologen ook kleine groene blaadjes. Ze komen van buxus, een groenblijvende struik die veel wordt gebruikt voor heggen.

Afb. boven: Een compleet grafkistje (Erfgoed Delft/Marianne Q fotografie).
Buxusblaadjes worden vaker opgegraven in kindergraven. De takken van het struikje werden rondom de kist gelegd en soms ook op het lichaam. De blaadjes en twijgjes uit het babygrafje in de Nieuwe Kerk laten zien dat in het kistje complete buxustakken zijn neergelegd.
Het geurige, groenblijvende struikje wordt gezien als christelijk eeuwigheidssymbool. Buxustakken worden nog steeds in de kerk gebruikt op Palmzondag. Dat is de laatste zondag voor Pasen, waarop de intocht van Jezus in Jeruzalem wordt gevierd.
Kroontje van wilde mosterd
In een kindergrafje ontdekten de archeologen takjes over en bij de schedel. De takjes zijn meegenomen en onderzocht door een specialist. Zij herkende de plantensoort: herik, of wilde mosterd. Deze plant heeft gele bloemen en groeit op akkers, langs dijken en in bermen. Van de stengels van deze plant is een kroontje gevlochten.
Vroeger werden grafkransen of kroontjes meegegeven in het graf van een overleden kindje. Ook ongetrouwde volwassen personen kregen zo’n versiering mee. Dit gebeurde vanaf het einde van de zestiende eeuw tot het midden van de twintigste eeuw. De bloemen hadden vaak ook een symbolische betekenis.
Het kistje uit de Nieuwe Kerk dateert vermoedelijk uit de tweede helft van de achttiende eeuw. Het kindje is ongeveer vijf jaar oud geworden. Het is onduidelijk waarom in Delft herik is gebruikt. Het is de eerste keer dat een kroontje van deze plantensoort is gevonden.

Afb. boven: Planken van een grafkist (Erfgoed Delft/Marianne Q fotografie).
XL-grafkisten als statussymbool
Alle opgegraven grafkisten zijn opgemeten. Ook de houtsoort is onderzocht. Sommige grafkisten waren opvallend groot. De planken waren van eikenhout en wel 7 cm dik. Dat is twee keer zo dik als bij moderne grafkisten.

Afb. boven: Een van de XL-grafkisten (Erfgoed Delft/Marianne Q fotografie).
Deze grote eikenhouten kisten waren heel zwaar. Ze waren niet te tillen door dragers en moeten zijn gereden op een wagen of met een koets. Waarschijnlijk konden alleen mensen met veel geld een begrafenis betalen met een opvallend grote, XL-kist. Rijke personen kregen dus geen bijzondere voorwerpen mee, maar werden begraven in dikke, dure kisten.